Lied aan
de voet van de berg uit: Met Eigen
Ogen
uitgever: ResponZ Utrecht
1. Jij die voor alle namen wijkt,
geen weg die in jouw verte reikt,
geen woord kan jou aanbidden.
Jij die niet hoog verheven troont,
licht dat in nacht en wolken woont,
geen dode in ons midden.
Jij komt, wij weten dag noch uur.
Jij gaat voorbij een dovend vuur,
een stilte in de bomen,
roepend van ver, stem van dichtbij
niet overal,
niet hier ben jij,
niet God die wij ons dromen.
2........................
Een lied met tekst van H. Oosterhuis ( ja, de vader van Trijntje ) met
muziek van A. Arens.
Beeldende tekst.
Dit lied verwijst naar het verhaal van de tocht van de Israëlieten door de
woestijn, aan de voet van de berg Sinaii. Geen God te zien, geen weg,
niets. Mozes geeft de raad door van God als leidraad door het leven. Géén
God die alles regelt, ze blijven op elkaar aangewezen. Dat geldt ook voor
ons. God is geen busboekje, geen vluchtplan. Wij moeten met elkaar op weg
en proberen om zo goed als God te zijn.